De camera bleef boven. Ik was gisteren niet van plan iets te schrijven, ik zou een “al honderd keer gemaakt” Chinees maaltje improviseren. Maar dochterlief schoof op het laatst aan, en toen moest er nog wat bij. Ik had nog wat tarbot over van de vorige dag en daarbij koos ik een intrigerende saus die ik had gezien op de site van TasteofLife. Ik verdeelde de resterende tarbotfilets in zes stukjes. Die paneerde ik (eerst door bloem halen, dan door een geklutst ei en tenslotte door paneermeel). Dat levert een ideaal korstje op bij het frituren — ik frituur gewoon in een laagje olie in een klein pannetje. Dit beslag gaat heel snel, opletten dat het niet te donker wordt!
De saus is een beurre blanc met room en een vreemd mengsel van orientaalse smaken. Aan dat mengsel heb ik wat veranderd, de rest van het recept volgt exact de oorspronkelijke site. Ik vond de oorspronkelijk genoemde 6 el sojasaus wel erg veel van het goede, dat zou naar mijn smaak veel te zout waren. Twee leek me goed genoeg. Toen ik proefde vond ik dat het wel nog wat pit kon gebruiken, dus verdubbelde ik de hoeveelheid wasabi en voegde nog een extra eetlepel chilisaus toe.
Het gaat als volgt.
– 1 sjalotje gesnipperd
– 4 cm verse gemberwortel
– olie
– 1 glas witte wijn
– sap van 1 limoen
– 1 dl slagroom
– 100 g boter
– 4 el zoete chilisaus (was: 3 el)
– 1 el wasabi pasta (was: 1/2 el)
– 2 el Japanse sojasaus (was: 6 el)
“Pel en snipper de sjalot. Schil en rasp de gemberwortel. Verhit een scheutje olie in een pan en fruit de sjalot. Voeg gember, witte wijn en limoensap toe en laat tot ongeveer de helft inkoken.
Voeg de slagroom toe en laat ook tot ongeveer de helft inkoken. Roer blokjes boter door de saus totdat deze helemaal zijn opgenomen.
Zeef de saus. Breng op smaak met chilisaus, wasabipasta en sojasaus.”
Een saus om te zoenen zo lekker!